Vakken

Voor de leerlingen van de rsg Simon Vestdijk is een rood boekje gemaakt. In het rode boekje staan allemaal tips over het maken en leren van je huiswerk en het maken van werkstukken. Hieronder vind je al enige tips.

Schooltas

Verzamel alles wat je de volgende dag nodig hebt, de avond van tevoren. Zorg dat je etui compleet is en neem je etui, agenda en schrijfpapier altijd mee.

Agenda

Schrijf duidelijk bij de juiste dag en de juiste tijd op wat je moet doen. Als je huiswerk op de studiewijzer staat, schrijf dan dat huiswerk over in je agenda. Markeer de proefwerken en werkstukken extra duidelijk. Streep af wat je al gedaan hebt.

Planning

Kijk aan het eind van de week hoeveel proefwerken je de volgende week hebt en bedenk op welke dagen je die proefwerken gaat leren. Wissel je huiswerk af: nu eens lezen en maken, dan weer leren. Nu eens een taal, dan weer een exact vak, dan weer een maatschappijvak, dan weer een ander vak.

Maakwerk

Schrijf duidelijk het opgavenummer in je schrift en schrijf leesbaar. Probeer alles in te vullen. Kijk na met een andere kleur pen. Als je vastzit, sla dan de vraag over en maak eerst de volgende vraag. Probeer daarna weer de moeilijke vraag op te lossen.

Leerwerk

Verdeel de leerstof in stukjes. Lees elk stukje aandachtig. Probeer daarna de belangrijke dingen in je hoofd na te vertellen. Schrijf de begrippen en rijtjes op die je nog niet goed kent. Als je alle stukjes geleerd hebt, lees je de begrippen en rijtjes die je opgeschreven hebt, nog eens na.
Bekijk ook aandachtig de aantekeningen in je schrift en je antwoorden op opgaven in je werkboek. Als je woordjes moet leren, of woordjes bij een plaatje, lees dan de woorden eerst goed. Bedek de woorden met een blaadje. Schrijf zelf de woorden uit je hoofd erbij.
Hoe vaker je de leerstof op verschillende dagen overkijkt, hoe beter je het onthoudt.

Proefwerk maken

Zorg dat je genoeg slaap hebt gehad voor je proefwerk. Kijk de moeilijkste stukjes nog even over. Een proefwerk hoeft niet spannend te zijn, en soms zitten er vragen bij die lijken op puzzels. Bekijk hoeveel opgaven er zijn en bedenk tot hoe laat je de tijd hebt. Maak de opgaven rustig: lees goed en schrijf duidelijk. Laat je niet afleiden door andere leerlingen. Als je een opgave even niet weet, sla je die over. Zet een kruisje in de kantlijn. Als je de laatste opgave hebt gemaakt, maak je de opgaven die je had overgeslagen. Lees alle vragen en antwoorden nog eens over en verbeter jezelf als dat nodig is.

Boeken lezen

Lees eerst de opdracht voordat je gaat lezen. Kies een boek uit aan de hand van de tekst op de achterkant van het boek. Schrijf alvast de titel en schrijver op. Schrijf direct na het lezen een korte samenvatting. Het is belangrijk dat je weet wie de hoofdpersonen zijn en vanuit wie het verhaal wordt verteld. Ook moet je vaak weten in welke tijd het verhaal speelt en wat voor soort verhaal het is. Zoek tijdens het lezen alleen de moeilijke woorden op die je echt moet weten om het verhaal te begrijpen.

Werkstuk maken

Lees eerst de opdracht voordat je aan de slag gaat. Bedenk wat de belangrijkste onderwerpen zijn. Dat worden je hoofdstukken. De hoofdstukken van een wetenschappelijk verslag zijn: inleiding – materiaal en methode – resultaten – conclusies – discussie. Aan het begin komt de inleiding en inhoudsopgave, aan het eind het slotwoord en de bronvermelding. Zoek bij elk hoofdstuk informatie in boeken of op internet. Schrijf telkens bij de bronvermelding op, welk boek en welke internetpagina je gebruikt. Schrijf de informatie in eigen woorden en in je eigen volgorde bij de juiste hoofdstukken. Lees het hele werkstuk door om het te verbeteren en plaatjes in te voegen. Maak tot slot een mooi voorblad en doe het in een mapje. Zet duidelijk je naam, je klas en de datum erop!

Presentatie houden

Verzamel de informatie op dezelfde manier als bij een werkstuk. Schrijf de hoofdpunten op een briefje en/of in Powerpoint. Oefen de presentatie voor de spiegel. Zorg dat je genoeg slaap hebt gehad voor de presentatie, dan kun je beter denken. De docent let meestal op de inhoud van je verhaal, je spreektempo, de luidheid en of je goed de klas rondkijkt.

Samenwerken

Let er bij het samenwerken op dat je goed weet wat jij moet doen. Je kunt het meeste doen als je de taken verdeelt. Zorg ervoor dat iedereen in je groepje goed doorwerkt. Als je eerder klaar bent, help dan een ander van je groepje. Roep de docent erbij als de samenwerking niet goed gaat.

Portfolio VMBO

VMBO klassen houden hun eigen portfolio bij.

Sectorwerkstuk MAVO

Klik hier voor het sectorwerkstuk.


 
 

Hoofdgebouw Harlingen

Koningin Julianastraat 3
8862TA Harlingen

Telefoon: 0517 - 432900
Fax: 0517 - 432998
E-mail: info@vestdijk.nl

Locatie Franeker

Noorderbleek 34
8801 EW Franeker

Telefoon: 0517 - 392414
Fax: 0517 - 398024
Website: http://www.vestdijkfraneker.com